Records in een markt die alleen het goede nieuws hoort
De S&P 500 sloot woensdag 13 mei op een nieuw all-time high — zowel intraday als bij slot. De brede index steeg 0,58 procent, de tech-zware Nasdaq Composite voegde 1,2 procent toe en zette eveneens een record neer. De Dow Jones bewoog tegen de stroom in en verloor 67,36 punten, een daling van 0,14 procent.
Achter die kopcijfers schuilt een rally die opvallend smal is. Slechts zes van de elf GICS-sectoren sloten hoger. Communicatiediensten leidden met een stijging van 2,65 procent, gevolgd door IT (+0,98 procent) en consumer discretionary (+0,75 procent). Aan de andere kant van de tabel verloren utilities 1,26 procent, financials 1,07 procent en vastgoed 0,90 procent.
Twee namen droegen onevenredig veel bij: Nvidia en Micron Technology. De halfgeleider-rally ontstond mede nadat Nvidia-CEO Jensen Huang president Trump vergezelde op zijn bezoek aan de Chinese president Xi Jinping in Beijing. Een politiek beeld dat de markt interpreteerde als een mogelijke verzachting van exportbeperkingen — al is daar nog niets formeels over bekend.
PPI +1,4 procent: de inflatie die de markt liet liggen
De producentenprijsindex (PPI) voor april steeg met 1,4 procent op maandbasis — de scherpste toename sinds maart 2022 en ruim boven wat economen hadden ingeprijsd. Op elk ander moment in de afgelopen drie jaar zou een dergelijk cijfer voor brede verkoopdruk gezorgd hebben. Woensdag bleef de reactie beperkt tot zwakte in rentegevoelige sectoren als utilities en vastgoed.
De interpretatie van de markt: hogere energieprijzen zijn de boosdoener — een gevolg van de spanningen in het Midden-Oosten, niet van structureel hete kernprijzen. Beleggers behandelen energie-inflatie als tijdelijk, en techbedrijven als immuun voor de tweede-orde-effecten ervan.
Of die scheiding houdbaar is, is een ander verhaal. Hogere PPI-cijfers vertalen zich met vertraging naar CPI en uiteindelijk naar margedruk bij bedrijven met minder prijszettingsmacht. De obligatiemarkt liet woensdag een lichte stijging van de lange rentes zien — een subtiele waarschuwing onder de feestelijke aandelenkoppen.
Cisco verrast, Doximity zakt: de splitsing van het cijferseizoen
Cisco Systems was de grote winnaar van de nabeurs-handel. Het aandeel sprong 17 procent omhoog nadat het bedrijf zijn derde-kwartaal resultaten publiceerde en een outlook gaf die ruim boven de consensus uitkwam. Cisco verwacht voor het huidige kwartaal een aangepaste winst per aandeel van 1,16 tot 1,18 dollar op een omzet van 16,7 tot 16,9 miljard dollar — versus analistenverwachtingen van 1,07 dollar EPS en 15,82 miljard omzet (LSEG). Het bedrijf kondigde tegelijk een banenreductie van bijna 4.000 medewerkers aan.
Een combinatie die in 2026 typisch is voor de techsector: sterke cijfers, hogere guidance, en gelijktijdig fors snijden in personeel. De markt beloont de marge-implicatie zonder vragen te stellen over de operationele uithollingsrisico's op langere termijn.
Aan de andere kant van het spectrum zakte Doximity 19 procent nabeurs. De healthcare-platformaanbieder gaf zwakkere outlook voor het lopende kwartaal en heel boekjaar, en miste met 26 dollarcent aangepaste winst per aandeel de consensus van 28 cent. StubHub steeg 13 procent op een Q1-omzet van 446 miljoen dollar (versus 432 miljoen verwacht) en EBITDA van 72,1 miljoen (versus 65,1 miljoen verwacht). Jack in the Box voegde 1 procent toe op een gemengde set cijfers.
Cerebras prijst zijn IPO boven de range
AI-chipfabrikant Cerebras Systems prijsde zijn beursintroductie op 185 dollar per aandeel — boven de verwachte bandbreedte van 150 tot 160 dollar. De emissie leverde minstens 5,55 miljard dollar op. Cerebras handelt vanaf donderdag op Nasdaq onder het tickersymbool CBRS.
De timing is veelzeggend. Cerebras debuteert precies op het moment dat de bredere AI-trade de markt naar nieuwe records duwt, en op een dag dat Nvidia opnieuw als hefboom fungeerde. Voor uitgevers van techbedrijven is dit het optimale klimaat: pricing power op de IPO-prijs, koopkrachtige institutionele beleggers, en een verhaal dat zichzelf verkoopt.
Voor beleggers is het echter ook een signaal. Wanneer IPO's structureel boven hun range prijzen, betekent dat doorgaans dat de vraag scherper is dan het aanbod kan absorberen — een patroon dat in cycli van 2000 en 2021 het einde van de meest euforische fase markeerde. Niet noodzakelijk een waarschuwing voor vandaag, maar wel een datapunt om bij te houden.
Samsung-whiplash en Trump in Beijing
Samsung Electronics maakte deze week een van de meest extreme bewegingen van een mega-cap dit jaar door. Het aandeel verloor woensdag kortstondig 66 miljard dollar aan marktwaarde door een arbeidsconflict, om donderdag in de Aziatische handel tot 5 procent te stijgen naar een nieuw record.
De aanleiding is een dreigende staking van 18 dagen, gepland vanaf 21 mei, waarbij volgens schattingen meer dan 41.000 werknemers betrokken zouden zijn. De Zuid-Koreaanse minister van Financiën Koo Yun-cheol waarschuwde donderdag dat een staking bij Samsung 'een grote bedreiging' zou vormen voor de economische groei, export en financiële markten van het land.
Tegelijkertijd domineert het Trump-Xi-overleg in Beijing de geopolitieke kop. Het Amerikaanse delegatie bevat naast Jensen Huang ook Tesla-CEO Elon Musk — een signaal dat handelsrelaties en technologie-export hoog op de agenda staan. De Hang Seng bleef vlak, de CSI 300 verloor 1,68 procent, de Nikkei zakte 0,98 procent, en de Kospi voegde 1,75 procent toe. Een gemengd beeld dat aangeeft dat Azië nog geen oordeel velt over de uitkomst.
Wat betekent dit voor beleggers?
Vandaag staan de eerstvolgende ijkpunten op de agenda: de detailhandelsverkopen van april, de import- en exportprijsindex, en de wekelijkse aanvragen voor werkloosheidsuitkeringen. John Williams, president van de New York Fed, modereert donderdagmiddag een discussie — zijn toon wordt scherp gevolgd na het hete PPI-cijfer.
Cijfers komen ook van Honda, Yeti, Viking Holdings, Klarna en Bullish vóór de opening. Geen van die namen bepaalt op zichzelf de markt, maar samen geven ze een breder beeld van consumentenuitgaven, reizen en betalingen — sectoren die de smalle techrally niet zien terugkomen in hun aandeelkoers.
Voor beleggers die signaalgestuurd werken, is de boodschap deze week tweeledig. Records zijn records, en wie tegen de trend probeert in te gaan op fundamentele bezwaren, raakt vermogen kwijt. Maar een rally die wordt gedragen door zes sectoren tegen vijf, en die een PPI-schok als irrelevant behandelt, is structureel kwetsbaarder dan de koppen suggereren. Discipline betekent vandaag: meedoen waar de signalen helder zijn, en het risicobeheer scherper houden dan een jaar geleden.

